www.sikoss.info

Samenwerkend Internationaal Kennis centrum Openbaar vervoer Stad & Streek.

Moreel wangedrag en zelfbedrog van managers

 

matglas

Wim Dubbink 6 augustus 2013

Bedrijven en organisaties vertonen nogal eens moreel wangedrag. Dat heeft vaak veel te maken met zelfbedrog. Hoogleraar bedrijfsethiek Wim Dubbink benadert het terugdringen van immoreel gedrag c.q. zelfbedrog in organisaties vanuit Kantiaans perspectief.

Het zal de meeste mensen weinig moeite kosten een opsomming te geven van bedrijven waar de laatste jaren sprake was van moreel wangedrag: Enron, BP (Deepwater Horizon), Siemens (steekpenningen), Ahold, World Online (aandelen emissie), Vestia/KPMG en InHolland. Wangedrag van organisaties komt niet alleen veel voor, het berokkent ook heel veel schade en leed. In het geval van Vestia gaat het al om miljarden. Bij de ENRON affaire ging het om een veelvoud daarvan en raakten bovendien veel particulieren hun pensioen kwijt. De gevolgen van wangedrag blijven ook lang niet altijd beperkt tot financiële schade. Menigmaal is er milieuschade of kost het mensenlevens, met de ramp bij Bhopal (Union Carbide) als extreem voorbeeld. Immoreel gedrag van mensen ligt vaak aan de basis van wangedrag van de organisatie. Ergens in de organisatie overtreedt iemand een wet of een interne regel, kijkt iemand weg bij problemen of handelt iemand anderszins onverschillig.

Dreigen met straf maakt medewerkers cynisch over moraal

Er bestaat sinds jaar en dag de nodige overeenstemming over de do’s and don’ts om immoreel handelen van managers in organisaties te voorkomen. Wat je zeker niet moet doen is in de beloningsstructuur mensen belonen voor immoreel gedrag. Bewust of onbewust komt dat nogal eens voor. Wat je ook niet moet doen is een mail rondsturen met de bedrijfscode en iedereen die zich niet aan de regels houdt, dreigen met straf en aansprakelijkheid. Dat maakt medewerkers alleen maar cynisch over moraal. Wat je zeker wel moet doen, is managers (en anderen) onderin de organisatie de mogelijkheid bieden gemakkelijk informatie naar de top te sluizen. Ook is een bepaalde mate van controle altijd nodig.

Strategie van integriteit en moreel handelen

De theorie die ik het meest interessant en plausibel vindt om immoreel handelen in organisaties tegen te gaan, stelt het begrip ‘integriteit’ centraal (Sharp-Paine, 1997). In een integere organisatie werken managers wier wil sterk genoeg is om binnen de grenzen van de moraal te blijven. Deze theorie gaat er zonder meer vanuit  dat managers al min of meer moreel autonoom zijn en voor zover ze niet autonoom zijn dat heeft te maken met het ontbreken van positieve prikkels en de aanwezigheid van negatieve prikkels. Corrigeer je het totaal aan prikkels, dan gaan mensen als vanzelf autonoom handelen.

Een Kantiaanse reflectie op autonomie en immoraliteit

Vanuit het perspectief van de filosoof  Kant op menselijke autonomie en immoraliteit zijn deze premissen echter onjuist. De mens weet wat juist en goed is, maar motivationeel gezien valt moreel handelen hem zwaar: eigenbelang prevaleert nog al eens. We kunnen daarom hoogstens zeggen dat mensen op pad zijn moreel te worden. Integriteit is iets waar we naar moeten streven; het is hoogmoed te denken dat we al integer zijn. Er is nog een reden om een vraagteken te zetten bij de aannames van de integriteitstheorie: er is helemaal geen aandacht voor kwaadaardigheid en zelfbedrog.

Het zijn precies deze tekortkomingen die een probleem vormen in de context van organisaties. Immers: het idee van een organisatie laat zich in abstracte zin beschrijven als sfeer met verdikte of verhevigde institutionele druk, met name waar het gaat om concurrentie en machtsuitoefening. Moreel psychologisch gezien heeft juist die context een zeer negatieve invloed op de mogelijkheid van de ontwikkeling van morele autonomie. Enerzijds geven we in die omstandigheid eerder toe aan het kwaad. Anderzijds vormt die context een paradijs voor de morele persoon die op zoek is naar zelfbedrog. Er is altijd wel een regel waarachter men zich kan verschuilen.

De integere organisatie ondersteunt zelfrespect en bescheidenheid

Vanuit Kantiaans perspectief behoeft de integriteitstheorie dus aanvulling en aanpassing. Om kwaadaardigheid en zelfbedrog tegen te gaan moet er meer aandacht komen voor de deugden zelfrespect en bescheidenheid. ‘Zelfrespect’ is een besef van eigen waardigheid dat elk mens moet hebben. Uit dit besef volgt de plicht jezelf te zien als een wezen dat zichzelf moet verbeteren alsmede de plicht het recht op te eisen als een zodanig wezen behandeld te willen worden door anderen. ‘Bescheidenheid’ als deugd is terughoudendheid en voorzichtigheid in het oordeel over de mate waarin men reeds autonoom is.

De consequenties van het Kantiaanse denken worden zichtbaar als we de vraag stellen in welke contexten deze twee deugden zich moeilijk kunnen ontplooien.

1.  Een organisatie kan zichzelf niet integer noemen als deze intern scheef en onrechtvaardig is georganiseerd, bijvoorbeeld door een te groot verschil tussen het laagste en het hoogste salaris. De reden is dat juist de ervaring van onrecht typisch menselijke ondeugden versterkt als wrok, haat, boosheid, alsmede negatieve disposities als een te lage of te hoge eigenwaarde. Deze zaken versterken alleen maar de kwaadaardigheid. De ontwikkeling van zelfrespect heeft in die omstandigheid weinig kans.

2.  Een organisatie kan zich ook niet integer noemen als erbinnen macht zonder zelfbeheersing of anderszins illegitiem wordt uitgeoefend. De reden is dezelfde. Dwang en onderdrukking kweken ondeugden en disposities die de ontwikkeling van zelfrespect in de weg zitten.

3.  Een organisatie is evenmin integer wanneer de balans tussen het bereiken van interne waarden en externe waarden is verstoord, ten faveure van de externe waarden. Interne waarden zijn de waarden waar het uiteindelijk om gaat – die de organisatie en het werk van de manager zinvol maken (meubels maken, een service leveren, wetenschap bedrijven enzovoorts). Met externe waarden kunnen organisaties en managers zich kunnen vergelijken met anderen. De bekendste zijn status, macht, de hoogte van de winst of het inkomen. Nu is er op zich niks mis met de menselijke neiging zich te willen vergelijken met anderen. Maar het is iets dat snel uit de hand loopt. Het streven naar erkenning als gelijke slaat snel om in een strijd om superioriteit. Wanneer dat gebeurt is het gedaan met de bescheidenheid. Daarom kan een organisatie uitsluitend integer zijn als het zich matigt in de strijd om externe waarden alsmede haar managers matigt in die onderlinge strijd. Winst is goed en acceptabel, maar alleen als consequentie van een zinvolle activiteit, niet als doel op zich.

Het hedendaagse denken over de integriteit van de organisatie gaat uit van een veel te optimistische visie op de mens. De kwaadaardigheid en het gebrek aan autonomie worden ontkend. Echt integere organisatie ondersteunen de ontwikkeling van deugden als zelfrespect en bescheidenheid. Zonder die ondersteuning zijn managers kansloos.

Wm Dubbink is hoogleraar bedrijfsethiek aan het departement Filosofie van de Tilburg School of Humanities. Dit artikel is een ingekorte versie van z’n oratie uitgesproken op 7 juni 2013: ‘De doodgewone manager en het radicale kwaad’.

 

2012 crea 3

  

U n i v e r s e l e   m o r e l e   b a s i s                   


Grondgedachte   

Alleen de hoogste universele menselijke waarden, de meest fundamentele menselijke normen en de hoogste menselijke kwaliteiten kunnen een universele morele basis vormen voor een menselijke samenleving.  Echter om universeel te kunnen zijn, dienen deze waarden alleen reële, en algemeen erkende empirische*waarden zijn, die geheel onafhankelijk zijn van enig religieus geloof, cultuur of filosofie. Om deze hoogste universele waarden te beschermen en voor iedere mens in de samenleving realiseerbaar te kunnen maken, is ook kennis en bewustheid nodig van onze meest fundamentele normen.  Daarnaast is voor de realisatie van onze hoogste menselijke waarden ook ontwikkeling nodig van onze hoogste morele kwaliteiten.

 

Onze hoogste universele waarden

Geluk,de hoogste en meest universele waarde en gemeenschappelijke individuele waarde

Liefde, gemeenschappelijke individuele waarde

vrede, individuele en sociale waarde

Vrijheid, individuele en sociale waarde

Respect, hoogste sociale waarde

Rechtvaardigheid, sociale waarde

Gelijkheid, sociale waarde

Democratie,sociale waarde

Universele rechten van de mens

(grond)wettelijke waarden.

De functie van al deze waarden is om voor iedere individuele mens de hoogste universele waarde van geluk realiseerbaar te maken . . . . . .


Onze meest fundamentele normen

De belangrijkste fundamentele normen in een samenleving zijn:

Respect

Rechtvaardigheid

Vrijheid

Gelijkheid

Democratie

Universele mensenrechten

(grond)wettelijke bepalingen


De belangrijkste functie van deze normen is om onze hoogste waarden te beschermen en voor iedere mens realiseerbaar te maken . . . . . .Respect is de basisnorm, waar alle andere normen uit voortkomen. Deze normen zijn echter geen opgelegde normen, maar hoofdzakelijk (educatieve) toetsingsconcepten.

     


Onze hoogste morele kwaliteiten

Integriteit

Gevoelens van verbondenheid

Empathie

Rechtvaardigheid

Verantwoordelijkheids-bewustheid

Realisme

Humaan idealisme

Intelligentie

Dit zijn onze hoogste menselijke kwaliteiten die nodig zijn om voor iedere mens de realisatie van de hoogste universele waarden mogelijk te maken. En zowel voor onszelf, als voor de andere mens in de samenleving. Ook creëren deze morele kwaliteiten een sociaal gedrag dat ver binnen onze belangrijkste fundamentele normen valt.

     


Geluk, onze hoogste universele waarde

De hoogste, meest fundamentele en universele waarde in het leven van iedere mens is geluk, omdat geluk onze hoogste kwaliteit van leven is, en direct verbonden met de essentie van ons menszijn, als- ook met de ervaarbare zin van ons bestaan . . . . . . .


Alles voor geluk

Alle andere fundamentele universele waarden als liefde, vrede, vrijheid, rechtvaardigheid, gelijkheid, democratie, enz.  zijn er uiteindelijk om tot geluk te kunnen komen . . . . . .En ook alle universele fundamentele normen zijn er om uiteindelijk tot geluk te kunnen komen . . . . . .Geluk is daarom de hoogste, meest fundamentele en universele waarde in het leven van iedere mens.


Individuele waarde

Geluk is een individuele levenskwaliteit die slechts mogelijk is onder afwezigheid van innerlijke barrières als onvrede, mentale spanning, negativiteit, stress, agressiviteit, egoïsme, overlevings-obsessie, egocentrisme, angst, zorgen, enz.
                                                            (zie ook www.levenskwaliteit.nl)


Sociale aspecten

Hoewel ons geluk en innerlijke levenskwaliteit in eerste instantie onze eigen individuele verantwoordelijkheid zijn heeft ons geluk echter ook nog zekere sociale aspecten.

Zo kunnen veelal ook anderen ons geluk en levenskwaliteit beïnvloeden.
Bijvoorbeeld vanuit een respectloze negatieve levenshouding uit sociaal darwinisme, overlevingsmentaliteit en egocentrisme; of door machtsmisbruik, agressie en geweld, etc.  Echter ook in positieve zin, vanuit gevoelens van verbondenheid, sympathie, empathie, respect en integriteit . . . . . .


Opvoeding

Een ander belangrijk sociaal aspect is onze opvoeding, educatie en condi- tionering door anderen. Zij kan ons vermogen tot geluksbeleving enorm bevorderen of ook in de weg staan (innerlijke barrières).


Ons hoogste menselijke vermogen

Omdat geluk en liefde de hoogste waarden zijn in het leven van iedere mens, is ons hoogste menselijke vermogen ons vermogen tot beleving van geluk, liefde en al het positieve wat daarmee samenhangt . Van groot belang is dan ook ons besef en inzicht van wat ons individuele vermogen tot geluksbeleving in de weg staat. Dit is in eerste instantie onze conditionering tot egocentrisme, en daar- naast ook onze gespannen obsessieve manier van leven waar we ons doorgaans nauwelijks bewust van zijn . Fundamenteel voor ons vermogen tot geluksbeleving zijn ook onze hoogste morele kwaliteiten als innerlijke integriteit, gevoelens van verbondenheid, en empathie.


De beste omstandigheden

Een samenleving die gebaseerd is op de hoogste menselijke waarden, normen en kwaliteiten biedt de beste omstandigheden voor de ontwikkeling van ons hoogste menselijke vermogen. Fundamenteel hiervoor is echter het totaal loslaten en afwijzen van onze egocentrische cultuur van het "sociaal darwinisme" met al haar negatieve implicaties.
                                    


Respect, onze meest fundamentele norm

Het meest fundamentele principe van elke samenleving bestaat uit gevoelens van verbondenheid die ontstaan uit de waarneming en het besef , dat de andere mens wezenlijk is als wijzelf . Vanuit dit (veelal onbewuste) gevoel van verbondenheid en het besef  dat de ander wezenlijk is als wijzelf respecteren we de ander. Door ons besef van het fundamentele belang van ons menselijk respect hanteren wij haar ook als onze belangrijkste norm;  want respect vormt het uitgangspunt voor al onze andere fundamentele normen als rechtvaardigheid, democratie, gelijkheid en universele mensenrechten, alsook voor al onze wettelijke normen.


Moeilijke omstandigheden

Wanneer in zekere omstandigheden ons spontaan en natuurlijk menselijk respect ontbreekt, is respect als onze hoogste morele norm van grote waarde. Want wanneer wij respect bewust als onze belangrijkste en meest  fundamentele morele norm beschouwen, kan zij ook in moeilijke omstandig- heden ons gedrag bepalen, en zo respectloos gedrag tussen mensen voor- komen; alsook de eventueel hieruit voortkomende agressie. Bijvoorbeeld, respectloos gedrag van anderen roept boosheid en demonisering in ons op, en daarmee ook al gauw een neiging tot respectloos gedrag van onszelf (door die demonisering is die ander dan niet meer wezenlijk als wijzelf).

     

Respect, onze hoogste sociale waarde

Zonder respect kan er geen sprake zijn van een "samen-leving". Zonder het fundamentele gegeven van spontaan en natuurlijk respect kan een samenleving geen werkelijke samenleving zijn, want zonder deze zou er slechts tomeloze criminaliteit zijn en directe overlevingsstrijd . Werkelijk "samen" "leven" is een sociaal gebeuren in begrip, respect, verbondenheid en eenheid.  En alleen in zulk een samenleving kunnen de hoogste menselijke waarden voor iedere mens maximaal realiseerbaar worden; en daarom is respect ook onze hoogste sociale waarde .


Integriteit , onze hoogste morele kwaliteit

Onze integriteit is zowel onze hoogste individuele, alsook onze hoogste sociaalmenselijke kwaliteit. Dit, in de eerste plaats omdat zij de belangrijkste basisvoorwaarde is voor het ervaren van liefde en geluk, de hoogste waarden in het menselijk bestaan.

En daarnaast ook, omdat integriteit de basisvoorwaarde is voor zowel de erkenning van onze hoogste morele normen, als ook naar hen te leven.

Onze integriteit is ook het enige antwoord op alle corruptie, kartelvorming en machtsmisbruik in de samenleving.
 
Vervolgens betekent integriteit sociaal bezien ook betrouwbaarheid, en creëert zo ook vertrouwen en gevoelens van menselijke verbondenheid in de samenleving, die weer een voorwaarde zijn voor spontaan en natuurlijk menselijk respect . . . . .  Ook is onze integriteit een voorwaarde voor de ontwikkeling van een duurzaam humaan idealisme.

 


Humaan idealisme,
een universele morele kwaliteit  

Methumaan idealisme wordt bedoeld een samenlevings-idealisme, dat zo- wel loyaliteit als verantwoordelijkheidsbewustheid impliceert ten opzichte van de samenleving.

Samenlevingsidealisme komt voort uit ons besef dat geluk de allerhoogste waarde is in het menselijk bestaan, en uit onze integriteit en het inzicht dat de levenskwaliteit van iedere individuele mens mede afhankelijk is van kwaliteit van de samenleving.

Humaan idealisme elimineert alle sociale isolatie en discriminatie.

Humaan idealisme vormt een belangrijke ondersteuning voor al onze fundamentele morele normen.

Humaan idealisme is het enige morele concept dat de samenleving als geheel ondersteunt, en is ook van fundamenteel belang voor elke politieke machtsvorm.

Humaan idealisme is echter politiek onafhankelijk en staat los van enige linkse of rechtse politieke voorkeur.

Humaan idealisme impliceert in feite een universeel mensheids-ideaal.

Humaan idealisme en onze hoogste morele kwaliteit van integriteit vormen samen een preventie tegen elke vorm van corruptie, kartelvorming en machtsmisbruik in de samenleving.


Universele waarden en normen en onze wetgeving

Ook onze wetten en regels alsook hun toepassing en interpretatie dienen in overeenstemming te zijn met onze universele en meest fundamentele menselijke waarden en normen.

Onze meest fundamentele waarden en normen staan immers in direct verband met onze wetten en regels, die feitelijk ook normen zijn.


Preventierecht

Dit vraagt dan ook om vervanging van ons huidige respectloze en fascistoïde strafrecht door een pragmatisch en humaan "preventierecht".  Preventierecht gaat in beginsel uit van totale heropvoeding in plaats van straf voor criminelen, die feitelijk opvoeding- en cultuurslachtoffers zijn. Het is zowel gebaseerd op veiligheid, rechtvaardigheid en realisme als op respect voor slachtoffers, daders en samenleving.

Preventierecht betekent een nieuwe, en meer humane rechtsorde en een leefbaardere samenleving.

Gemeenschappelijk belang

Erkenning van onze hoogste menselijke waarden brengt ons zo tot betrokkenheid bij de samenleving en tot het afwijzen van sociaal darwinisme en samenleving vijandige overlevingsmentaliteit. En zo ook tot afwijzing van ongeremd egocentrisme en de hieruit voort- komende respectloze manier van leven.

Onze hoogste menselijke waarden vormen een gemeenschappelijk belang; en wij creëren met z 'n allen zelf de kwaliteit van de samenleving waar wij deel van zijn . . . . .

Integriteit


Machtsdragers

Egocentrisme maakt machtsdragers op politiek gebied tot carrièrejagers op het "pluche"; en vervolgens creëert zij ook de respectloosheid en arrogantie van de macht. En ook voor alle ambtenaren met egocentrische ambities geldt hetzelfde; zowel op bestuurlijk als op economisch, educatief, cultureel of mediagebied. Integriteit is het enige antwoord op arrogantie en corruptie van politici en ambtenaren, alsook op prijsopdrijving en kartelvorming op commercieel en economisch gebied.


Kiezen van politici

Integriteit zou een van onze belangrijkste criteria moeten zijn bij onze keuze van politieke machtsdragers; zij worden immers gekozen op grond van vertrouwen in hun beloftes of standpunten.Kiezersbedrog betekent weinig respect voor de samenleving en niet-erkenning van democratie als een van onze hoogste sociale waarden.  Integriteit, verantwoordelijkheids-bewustheid en respect voor de andere mens in de samenleving zijn ook voor politici onontbeerlijke kwaliteiten.

Moreel besef

Mankeren echter deze  fundamentele waarden, normen en kwaliteiten of het inzicht waarom zij fundamenteel zijn, dan kan er moeilijk sprake zijn van een werkelijk solide morele basis.

Deze kan slechts ontstaan uit een ervaringsverbonden inzicht in de verbanden tussen die hoogste waarden, normen en kwaliteiten.

Slechts inprogrammering met deugden en enige normen van fatsoen of behoorlijk gedrag kan moeilijk leiden tot een duurzaam en fundamenteel moreel besef; ervaringsverbonden inzicht vormt de enige solide basis.

Opgelegde of aangeleerde normen en deugden zijn slechts autoriteitsgebonden en zijn daarom niet van blijvende aard. De teloorgang van onze christelijke moraal is daar een duidelijk voorbeeld van.

      
Idealisme


Ons realisme en de erkenning van onze hoogste menselijke waar- den en onze integriteit dwingen ons tot een sociaal gebaseerd idealisme; tot ons samenlevings- of humaan idealisme. En alleen wanneer iedere mens wordt tot realistisch idealist die bereid is zijn of haar samenleving verbeteren en daarbij ook naar zichzelf wil kijken, kan deze wereld een betere plek worden om te leven. Een betere wereld begint bij onze zelfkennis, inzicht en integriteit; en vervolgens bij onze verantwoordelijkheids-bewustheid voor de kwaliteit van de samenleving, en onze creatieve betrokkenheid.

Voor dit idealisme is echter wel nodig het bewust loslaten van kleinzielig egocentrisme, alsook van ons apathisch, fatalistisch en cynisch doemdenken . . . . . .

Bron:  O.Hilrich


                                                           

 

 2014 busbaan29