www.sikoss.info

Samenwerkend Internationaal Kennis centrum Openbaar vervoer Stad & Streek.

2012 crea 12
 
 

 


Beroepsziekten door een veiligheidskundige bril.

Door - Remko Houba | Arbeidshygiënist bij PreventPartner & NKAL

23-10-2015

Elke dag 48 nieuwe werknemers met een beroepsziekte. Dat moet een cijfer zijn uit Pakistan zou je zeggen, of uit een ander land waar de arbeidsomstandigheden nog verre van optimaal zijn.

Nee hoor, het gaat hier echt om Nederland anno 2015. Elke dag weer 48 nieuwe gevallen van beroepsziekten, 240 per week, 1.500 per maand, ongeveer 17,5 duizend per jaar.

Beroepsziekten

Wordt het dan minder misschien? Zeker niet! Ook vorig jaar waren er net zoveel beroepsziekten in Nederland … en 15 jaar geleden ook al. We zijn blijkbaar niet in staat om het aantal beroepsziekten terug te dringen. Vinden we beroepsziekten dan niet belangrijk? Daar lijkt het inderdaad op. Kennelijk vinden we met zijn allen dat ze er nu eenmaal bij horen. Van werken kun je ziek worden. En we lijken dat te accepteren.

Bedrijfsongevallen

Hoe anders is dat voor ongevallen. Veel bedrijven hebben een hoge standaard als het gaat om bedrijfsongevallen. ‘Al 4269 dagen zonder ongeval’, staat er dan op de gevel. De ambities van het management zijn hoog, er wordt een actief beleid gevoerd en werknemers krijgen bijscholing op het gebied van veiligheidscultuur. Als er dan een ongeval gebeurt, volgt er een ongevalsanalyse om de oorzaak van het ongeval nauwkeurig te analyseren. Ook de overheid (I-SZW) doet onderzoek bij ernstige ongevallen. Actief beleid op alle fronten dus en het resultaat mag er zijn: het aantal dodelijke ongevallen in Nederland vertoont al ruim 15 jaar een duidelijk dalende trend. We leren van ongevallen.

Leren van beroepsziekten

Waarom leren we dan niet van beroepsziekten? Daar zijn veel verschillende redenen voor.

  1. Allereerst ligt er een oorzaak in de Nederlandse bedrijfsgezondheidszorg. Deze is primair gericht op ziekteverzuim. Aandacht voor chronische risico’s met kans op beroepsziekten is vaak minimaal. Ook in RI&E’s ligt de primaire focus vaak op acute risico’s en veiligheid.
  2. Ook in het bedrijfsleven is er vooral oog voor risico’s op de korte termijn. Dat blootstelling op dit moment ook risico’s kan hebben op een termijn van 20-30 jaar, is veel minder goed in beeld.
  3. Maar er ligt ook een oorzaak bij de gezondheidszorg in het algemeen. In de gezondheidszorg is er maar beperkt aandacht voor de oorzaak van ziekten. Kom je bij de huisarts met allergieklachten, dan is de kans groot dat je naar huis gaat met een recept voor antihistaminica. Maar als je allergisch bent voor een stof op het werk is dat natuurlijk geen oplossing. Ook bij andere ziekten zal de focus gericht zijn op diagnose en behandeling en veel minder op de eventuele oorzaak.
  4. Een deel van de chronische beroepsziekten zoals kanker openbaart zich pas na het pensioen. De kans is klein dat de relatie met werk op dat moment nog wordt gelegd.
  5. In Nederland hebben we geen stelsel van erkende beroepsziekten. Er is daardoor weinig zicht op beroepsziekten, wat er ook toe leidt dat er geen natuurlijke beleidsprikkels zijn om de aantallen omlaag te brengen.
  6. Wordt er een nieuwe beroepsziekte gediagnosticeerd, dan leidt dit niet tot actief onderzoek. Waar bedrijven bij elk arbeidsongeval vaak een uitgebreide analyse doen naar oorzaken om er van te leren, is dat bij beroepsziekten niet het geval. Ook de overheid (I-SZW) stelt bij beroepsziekten geen onderzoek in, daar waar ze dat wel doen bij arbeidsongevallen.

Ziektelast

Grosso modo is de aandacht voor beroepsziekten dus beperkt en blijft sterk achter bij die voor arbeidsongevallen. En dat is allerminst terecht: van alle werkgerelateerde sterfte in Nederland wordt maar 4 procent veroorzaakt door ongevallen, de rest komt op het conto van beroepsziekten. Ook de ziektelast als gevolg van arbeidsongevallen bedraagt maar een fractie van de ziektelast door beroepsziekten. Overheid en bedrijfsleven lijken te accepteren dat beroepsziekten er nu eenmaal bij horen. Net zoals we 100 jaar geleden van mening waren dat arbeidsongevallen nu eenmaal bij het werk hoorden.

Veiligheidskundige bril

Wat als we nu eens door een veiligheidskundige bril naar beroepsziekten zouden kijken? Hoge ambities: nul nieuwe beroepsziekten, aanpak van de primaire oorzaken van beroepsziekte en verhoging van de preventiecultuur in bedrijven. En als het toch misgaat: een diepgaand onderzoek instellen om er van te leren, zodat het niet nog eens kan voorkomen. Dan zul je zien dat we ook in Nederland in staat zullen zijn om de dalende trend in beroepsziekten in te zetten.

Remko Houba | Arbeidshygiënist bij PreventPartner & NKAL


 
5.3.1 BEROEPSZIEKTEN
In bijna alle Europese landen en ook in de VS kent men het principe van het ‘risque professionnel’. Men kan aanspraak maken op een hogere uitkering als de ziekte op de officiële beroepsziektelijst voorkomt. In Nederland is dat niet zo. De klinische arbeidsgeneeskunde staat in Nederland in de kinderschoenen. Pas als de ziekte in hoofdzaak het gevolg van het werk is, en de werkgever niet aan zijn zorgplicht heeft voldaan,
kan de werkgever aansprakelijk worden gesteld. Juridisch-verzekeringsgeneeskundig spreekt men over een beroepsziekte als deze mono-
causaal door het werk of door arbeidsomstandigheden is veroorzaakt. In beginsel kan dan alle financiële schade verhaald worden. Dat is geen eenvoudige zaak. Het aantonen van monocausale beroepsziekten (met bijvoorbeeld als enige oorzaak: het werk) is voorlopig vrijwel onmogelijk. Beroepsziekten zijn nog onvolledig gedefinieerd. Pas als ze zijn aangetoond moeten ze door de arbodienst worden gemeld. Dat gebeurt dus vrijwel nooit. Zo blijft in Nederland het inzicht in de aard en het aantal beroepsziekten bestaan.
Spreekt men over preventie dan worden ook aandoeningen bedoeld die mede door het werk worden veroorzaakt. Herkenning, erkenning en behandeling laten nog op zich wachten. Door het vrijwel ontmantelde sociaal stelsel komt er in Nederland meer aandacht voor beroepsziekten. In de toekomst zal een arts of specialist bij een langer durende aandoening altijd vragen naar het werk dat een patiënt verricht. Daarmee is de aantoonbaarheid en de registratie nog steeds niet verbeterd.

 

Bij extrapolatie uit buitenlandse cijfers komt men in Nederland tot 25.000 gevallen van beroepsziekte per jaar.
Elk jaar komen er meer dan 10.000 nieuwe gedupeerden met letselschade. Ongeveer één op de drie werknemers in de WAO/WIA is arbeidsongeschikt door een beroepsziekte of een bedrijfsongeval. Bijna de helft van het aantal beroepszieken kampt met RSI-klachten (repeterend werk). Anderen hebben door hun werk OPS (schilders, drukkers en spuiters), rugklachten, PTSS, burnout (dienst- en zorg verlenende beroepen), schimmelaandoeningen, lawaaidoofheid, allergie en eczeem (metselaars, kappers, stylisten), infectie (rioolwerkers), de ziekte van Lyme (bosarbeiders) kapotte knieën of hernia (stratenmakers), astma en longaandoeningen (kaswerkers, voormalige asbestwerkers), longaandoeningen (lassers) of kanker (werkers in de rubberindustrie). De tussen haakjes genoemde beroepen zijn voorbeelden.
 
WIA zet slachtoffers arbeidsongevallen en beroepsziekten in de kou.
De WIA strookt niet met internationale verdragen over sociale zekerheid. Om dit probleem op te lossen dient de regering een betere voorziening te treffen voor arbeidsongeschikten ten gevolge van een bedrijfsongeval of beroepsziekte. Aldus Prof. Mr. Frans Pennings in zijn oratie 'Nederland Gidsland?

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 
Jaarlijks worden zo'n 25.000 mensen ziek door hun werk. En overlijden er 3000 (acht per dag) als gevolg daarvan. Toch melden bedrijfsartsen beroepsziekten zelden. In 2012 werden maar 6451 gevallen van beroepsziekten gemeld bij het Nederlands centrum voor beroepsziekten NCVB
bron 04'14 FNV B Magazien  tekst Remske Nagtegaal,

De inkomensbescherming van slachtoffers van arbeidsongevallen en beroepsziekten in Nederland blijft achter bij de internationale normen. Dat schrijven wetenschappers verbonden aan de Universiteit Maastricht in een onderzoeksrapport, zo meldt de Volkskrant vandaag.

In het dossier Ziek door mijn werk besteden we al langer aandacht aan beroepsziekten en de problemen die mensen ondervinden bij het verkrijgen van financiële compensatie.

Teun sprak met Gert van der Laan over de huidige stand van zaken. Van der Laan is klinisch arbeidsgeneeskundige en één van de belangrijkste Nederlandse deskundigen op het gebied van beroepsziekten. Hij vindt dat er sinds wij het dossier Beroepsziekten anderhalf jaar geleden opende, geen belangrijke stappen zijn gezet.

Bron:  Van Yvonne Verkaik

 

2014 busbaan12

 

 Slachtoffers van beroepsziekten zijn zelden in staat hun stem te laten horen. Meestal zijn het laagopgeleiden en niet in staat (voor zover ze al weten dat ze slachtoffer zijn van een beroepsziekte ) hun verhaal aan een breed publiek te vertellen. Lichamelijk en geestelijk uit het lood geslagen, door verdriet, pijn en boosheid uiteindelijk psychologisch gehinderd om het verhaal leesbaar op papier te krijgen. de vele persoonlijke verhalen sterven meestal een snelle dood achter hun eigen voordeur.  Arbo rapporteurs, bedrijfsartsen en Arbodiensten zijn vaak verkleefd en hebben geen mogelijkheid het zonder financieel nadeel breed inzichtelijk te maken.

Onderzoekers naar beroepsziekten doen hun best bij te sturen maar zijn vaak in opdracht van overheids instanties precair bezig alleen de financiële eindverantwoordelijkheid voor beroepsziekten bij werkgevers neer te leggen. Grote bedrijven met veel beroepszieken worden vanwege de hoge premie zelf risicodrager zodat ze op de achtergrond verplicht de uitkering betalen (10 jaar) van afgekeurde werknemers tot aan hun pensioen. Het verschil van de uitkering en het oorspronkelijk salaris ( derving inkomsten) is meestal voor rekening van de werknemer. Zij moeten zelf maar zorgen dat ze hun schade op de veroorzaker (werkgever) verhalen.

 

Kleine werkgevers voelen de hete adem van de inspectie SZW in de nek en investeren zich scheel in preventie en de grote bedrijven kopen voldoende kennis in om kostbare preventie te ontlopen en gevolgen van de beroepsziekten op de slachtoffers zelf af te schuiven. Financiële compensatie voor het bewust toegebrachte leed komt weinig voor. Het is vaak een ingewikkeld te volgen spoor van het listig verpakt delict naar een slecht bewijsbare schadelast. Na 1 juli 2015 is dat door de politiek in opdracht van grote werkgevers met een nieuwe regelgeving bijna dicht getimmerd voor beroepszieken die tien jaar voor hun pensioen uitvallen. De maximale te verhalen schade is immers teruggebracht naar €75.000 met een verkorte reactie tijd van twee maanden na je ontslag. Er zijn gevallen bekend waarin een werkgever in die reactietijd spontane betalingen doet en daarna weer opeist om verwarring te zaaien.

 

 

 2014 busbaan53

 

 

 De wet verplicht (zonder toezicht) een grote werkgever, preventief te zijn.

  1. Belastende onderzoeken moeten door de werkgever zelf worden opgestart.
  2. Als daar dure preventie verplichtingen uit voort vloeien worden die onderzoeken op voorhand niet gedaan, afgebroken of positief beïnvloed.
  3. OR wordt in de maling genomen door ingehuurde arbospecialisten die door het verzamelen van onjuiste informatie geen ernstige arbeidsbelasting melden.
  4. Werkgever zegt altijd zelf preventief bezig te zijn en de werknemers worden in slaap gesust door het officieel ontbreken van ernstige arbeidsbelasting.
  5. Overheid controleert grote bedrijven alleen op piepsignalen die door bovenstaande reden zelden voorkomen.
  6. Werkgever bied zo officieel gezond werk aan en wordt dus niet belemmerd in het maken van slachtoffers.

 

Geen vuiltje aan de lucht dus.

 

  1. Dan ontstaan er gezondheidsproblemen bij slachtoffers van beroepsziekten vanwege een te hoge arbeidsbelasting.
  2. Werkgever hebben een belang, slachtoffers zo snel mogelijk te lozen, omdat er een gevaar bestaat dat als ze de zelfde gezondheidsproblemen bij anderen zien aan beroepsziekten gaan denken.
  3. Slachtoffers worden gezien en begeleid door arboartsen die zelf geen RI&E onderzoek doen naar hoge arbeidsbelasting.
  4. Arboartsen lopen financieel schade op door het melden van beroepsziekten bij grote klanten.
  5. Arboartsen zijn in strijd met hun eed twee jaar bezig met pappen en nathouden van slachtoffers en focussen steeds op een enkele deelklacht. Bij de een zijn nek en bij de ander de schouders, de volgende zijn vaatschade terwijl de meesten meerdere overeenkomstige klachten heeft. Zo wordt een verband met de kwalen en een beroepsziekte administratief tegengewerkt.
  6. Arbospecialisten in het UWV proces staan feitelijk los van elk onderzoek en melden op officiële arborapporten zonder onderzoek te doen dat ze er van uit gaan dat de RI&E op orde is.
  7. Het UWV arts  gaat uit van het Arbospecialisten rapport en de gegevens van de werkgever en keurt slachtoffers tegenwoordig voor een zo laag mogelijk percentage af. Het inleveren van een werknemersoordeel is lastig gemaakt. De oorzaak van de ziekte/invaliditeit heeft geen invloed op de beslissing, gehoord worden of enig inspraak is niet mogelijk in dit proces.
  8. Het nieuw sociaal akkoord, arbeidsongeschikten ook via de kantonrechter te ontslaan lijkt rechtvaardiger maar de instapprocedure is met vier maanden gekort naar twee maanden en een vergoeding op maximaal € 75000.00 gezet.
  9. Omdat slachtoffers van beroepsziekten meestal een lang dienstverband hebben is de werkelijke schade zo in het voordeel van de werkgever afgetopt.
  10. Het is bijna onmogelijk om van buiten af, de door de werkgever verstrekte gegevens op juistheid en compleetheid te controleren.
  11. Door deze onmogelijkheid, kennis te nemen van de ingewikkelde structuur van de regelgeving en relevante informatie, blijven belastende feiten en een eventueel delict buiten beschouwing.
  12. Letselschadeadvocaten krijgen ongeacht hun inspanning, vaardigheden en uitkomst van het geschil, hun honorarium. Punt 10 en 11 belemmeren letselschadeadvocaten enorm bij de uitvoering in hun werk. 

 

 

 2014 busbaan03

VERSTERKEN MELDING BEROEPSZIEKTEN
Resultaten vragenlijstonderzoek
23 april 2014


Melding beroepsziekten

De verplichte melding van beroepsziekten (artikel 9, lid 3 arbeidsomstandighedenwet) door bedrijfsartsen aan het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB), vormt een belangrijk onderdeel in het huidige Nederlandse stelsel van gezond en veilig werken. Op basis van deze meldingen kunnen risicogroepen worden gesignaleerd en preventieve activiteiten worden gestart.

Het NCvB signaleert al langer een onder registratie van deze beroepsziekten. Dit is aanleiding geweest voor de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) en de Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Inspectie SZW) om in 2013 een gezamenlijk onderzoek te starten naar het melden van beroepsziekten. Doel van het onderzoek is om zowel de melding van beroepsziekten door bedrijfsartsen als de preventieve acties die daar uit volgen te bevorderen. Meer inzicht in stimulerende en belemmerende factoren kan helpen deze doelstelling te bereiken.
 

Gepubliceerd op 17 feb. 2015 Wanneer u een beroepsziekte vermoedt (‘stap 0’), is het belangrijk om een aantal aspecten systematisch in kaart te brengen. Op die manier kan worden nagegaan of de aandoening of ziekte inderdaad een beroepsziekte is: een klinisch waarneembare ziekte of aandoening als gevolg van een belasting die in overwegende mate in arbeid of arbeidsomstandigheden heeft plaatsgevonden.

 2014 busbaan10

 

Vragenlijstonderzoek

Om enerzijds meer zicht te kunnen krijgen op het meldingsgedrag van individuele bedrijfsartsen en anderzijds op stimulerende en belemmerende factoren, is door beide inspecties hiervoor eind 2013 een vragenlijst uitgezet onder alle BIG geregistreerde bedrijfsartsen in Nederland.

Deze vragenlijst diende antwoorden te geven op de volgende vraagstellingen:
1. Hoe ziet de verdeling van de melding van beroepsziekten er uit binnen de populatie van praktiserende bedrijfsartsen in Nederland?
2. In hoeverre is er een relatie tussen het meldingsgedrag en persoons- en werkkenmerken van de bedrijfsarts?
3. Welke belemmerende en bevorderende factoren noemen bedrijfsartsen zelf voor het melden van beroepsziekten?
4. Hoe vaak ondernemen bedrijfsartsen na een melding van beroepsziekten ook preventieve adviezen/activiteiten?
5. Welke redenen geven bedrijfsartsen voor het niet geven van preventieve adviezen/activiteiten na een melding van beroepsziekten?
6. Welke ondersteuningsbehoeften hebben bedrijfsartsen bij het signaleren, vaststellen en melden van beroepsziekten en het ondernemen van preventieve adviezen/activiteiten naar aanleiding van een melding?
Analyse en rapportage Aan AStri Beleidsonderzoek en -advies is door beide inspecties gevraagd om de analyse en rapportage van deze vragenlijstgegevens te verzorgen. In het voorliggende rapport worden de resultaten van het vragenlijstonderzoek gepresenteerd.

Bekijk het vragenlijstonderzoek zelf.

6 december 2013

Bedrijfsartsen zijn wettelijk verplicht beroepsziekten te melden, maar slechts een op de vijf bedrijfsartsen doet dit ook. De arbeidsinspectie (Inspectie SZW) en de inspectie voor de gezondheidszorg (IGZ) gaan artsen aanpakken die geen melding maken van door werk veroorzaakte ziekten. Dat meldt het journalistieke platform Altijd Wat Monitor van de NCRV.

Beroepsziekten zijn ziekten die grotendeels worden veroorzaakt door werk. Uit cijfers van het Nederlands Centrum van Beroepsziekten (NCvB) blijkt dat maar een fractie van de bedrijfsartsen zich houdt aan de meldplicht. Uit een proef, waarbij bedrijfsartsen worden begeleid in hun meldgedrag, concludeert het NCvB dat het aantal meldingen van beroepsziekten zeven keer hoger zou moeten zijn dan nu het geval is. In 2012 werden niet meer dan 6.451 beroepsziekten gemeld door bedrijfsartsen.

2011 nieuw18

In een reactie laat de Inspectie SZW weten dat een bedrijfsarts, die niet of te weinig meldt, daarop zal worden aangesproken. 'Zo’n arts krijgt op basis van zijn registratie als bedrijfsarts een aanmaning dat hij beroepsziekten moet signaleren, melden en voorkomen. Deze artsen worden de komende jaren gevolgd in het melden.'

De cijfers over beroepsziekten worden gebruikt om inzicht te krijgen in risicogroepen en vormen de basis voor beleid en preventieve activiteiten. De gebrekkige registratie is voor zowel de Inspectie SZW als de IGZ aanleiding om bedrijfsartsen aan te spreken op hun wettelijke meldplicht. Om inzichtelijk te maken waarom en hoeveel bedrijfsartsen niet melden, zijn de inspecties een onderzoek gestart. Alle bedrijfsartsen moeten verplicht een enquête invullen waarin naar het melding en preventiegedrag gevraagd wordt.

De meldplicht werd in 1999 ingesteld voor bedrijfsartsen. Het is de eerste keer dat de inspecties de bedrijfsartsen aanspreken op hun gebrekkige meldingsactiviteit. De resultaten van de enquête van IGZ en de Inspectie SZW zullen in juni 2014 bekend worden gemaakt.

bron: http://www.nationalezorggids.nl

5 december 2013

2011 nieuw19

 

 

In Nederland worden jaarlijks veel mensen ziek of raken arbeidsongeschikt door hun werk. Vaak komt dit door onveilige of ongezonde arbeidsomstandigheden. Dit kan tot acute letsels en (chronische) ziektes leiden. We spreken van een ‘beroepsziekte’ als een blessure of ziekte het gevolg is van een belasting die in hoofdzaak het gevolg is van het werk of de werkomstandigheden.

Was de onveilige of ongezonde werkbelasting er niet geweest, dan was de blessure of ziekte veelal niet voor gekomen. Door preventie kunnen de meeste beroepsziekten worden voorkomen. De kosten van beroepsziekten aan gezondheidszorg zijn enorm en worden afgewenteld op de samenleving.

Een beroepsziekte tast de gezondheid van werknemers aan. Naast gezondheidsschade kunnen beroepsziekten ook andere gevolgen hebben, zoals productiviteitsverlies en de noodzaak tot aanpassing van de werkplek of functie. Bovendien kan een beroepsziekte voor werknemers en werkgevers tot financiële schade en in bepaalde gevallen ook tot juridische claims leiden. Dit is afhankelijk van de aard en de ernst van de beroepsziekte.

 

Het onderzoek in twee minuten

Brandweer

Op dit moment richt ons onderzoek zich op de brandweer waar intern steeds meer discussie is over de verhoogde kans op kanker en hart- en vaatziekten onder brandweerlieden. Hoe kan dat? En wat kan er tegen gedaan worden?

We onderzoeken wat de brandweer er aan doet om de blootstelling aan giftige rook te verkleinen en hoe er binnen de brandweer omgegaan wordt met collega’s die een beroepsziekte hebben opgelopen.

  2014 busbaan08

 

Hoe wordt er omgegaan met mensen met een beroepsziekte? Jaarlijks worden 50.000 mensen ziek door hun werk en 3000 mensen overlijden aan een beroepsziekte. Tenminste dat is de schatting, want harde cijfers zijn er niet. Worden mensen met een beroepsziekte aan hun lot overgelaten?

Het (Nederlands) Centrum voor beroepsziekte is er voor de registratie. Zij onderzoekt geen patiënten. Bij de arbeidsinspectie komen geen meldingen van beroepsziekten binnen. Daar weet men dus niet hoe vaak en bij welke bedrijven het fout gaat. De inspectie zegt dat ze het ook niet hoeft te weten omdat het volgens haar de bedrijfsartsen zijn die de werkgever op de vingers moeten tikken.

Ook houden bedrijfsartsen zich niet aan de wettelijke meldplicht

Maar de bedrijfsartsen worden weer betaald door de werkgever. De bedrijfsarts kan de problemen aankaarten maar als de werkgever niet wil dat er iets mee gebeurt, dan gebeurt het ook niet. Je bent dus afhankelijk van de welwillendheid van je werkgever. En anders moet je het zelf uitzoeken.

 


 

 2014 busbaan56

Helft bedrijfsartsen meldt beroepsziekten nooit.

Bron: Trouw, Ingrid Weel, redactie economie − 10/06/15, 06:45

 

Jaarlijks maakt 70 procent van de bedrijfsartsen geen melding van beroepsziekten, hoewel ze dat wel moeten doen. Bijna de helft rapporteert zelfs nooit enige beroepsziekte, en dat zeker al tien jaar lang. Daardoor weet niemand hoeveel mensen jaarlijks ziek worden door hun werk. De schattingen lopen in rapporten ver uiteen: van 15.000 tot 400.000.

Het is belangrijk tijdig te weten welke beroepsziekten er zijn, vooral omdat dan maatregelen kunnen worden genomen aandoeningen te voorkomen. Zo is lawaaidoofheid met gehoorbescherming goed te voorkomen en is RSI flink afgenomen toen de computermuis lichter en beter bestuurbaar werd. Weinig kennis over beroepsziekten kan er ook toe leiden dat het verzuim langer duurt dan nodig.

Schimmelinfecties, lasogen, stof-longen, overspannenheid, asbestkanker, bakkersastma; ze staan allemaal in de inventarisatie die het Nederlands Centrum voor Beroepsziekten (NCvB) jaarlijks opstelt. Maar er komen nooit meer dan zevenduizend meldingen binnen, terwijl het er tienduizenden zouden moeten zijn.

 

 

'Kapotte thermometer'

Bedrijfsarts Dolf Algra, oud-bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB) noemt de lijst "een kapotte thermometer" aangezien de uitkomsten elk jaar ongeveer hetzelfde zijn. Veel bedrijfsartsen melden niet en de artsen die wel meedoen werken voornamelijk in de bouwsector, waardoor gehoorschade en aandoeningen aan rug en andere gewrichten jaar in, jaar uit boven aan de lijstjes staan.

Minister Lodewijk Asscher van sociale zaken onderkent het probleem en heeft aangekondigd dat in het basiscontract dat werkgevers met bedrijfsartsen sluiten moet staan dat de arts melding maakt van beroepsziekten. "Daarop gaan we handhaven, en zo proberen we ervoor te zorgen dat er wel gemeld wordt. De inspectie moet boetes kunnen opleggen als er geen contract is afgesloten of als het contract geen afspraken over het melden bevat", zegt Asscher. Die plannen worden momenteel omgezet in wetgeving.

Bedrijfsarts Algra denkt echter niet dat het gaat werken. Hij pleit ervoor dat de meldingsplicht voor bedrijfsartsen wordt afgeschaft, aangezien de monitor in de huidige opzet toch niet werkt. "De thermometer is niet te maken. Deze is structureel kapot", aldus Algra. Hij krijgt hierbij steun van de NVAB. Laat de werkgever de melding doen, zegt die. Zo gebeurt dat ook bij ongevallen op het werk, en zo ging het voorheen ook.

Goede redenen

Maar waarom geven de bedrijfsartsen de ziekmeldingen niet op? Daar zijn goede redenen voor, meent de beroepsgroep. Zo moeten ze het in hun eigen tijd, en dus onbetaald, doen. Veel bedrijfsartsen zien er vaak ook het nut niet van in. Ze denken zonder het lijstje ook een redelijk overzicht te hebben van welke beroepsziekten voorkomen in hun dagelijkse praktijk.

Daarbij is er geen eenduidige definitie van beroepsziekten. Het NCvB spreekt van "een ziekte of aandoening als gevolg van een belasting die in overwegende mate in arbeid heeft plaatsgevonden". Maar wat moet je verstaan onder 'in overwegende mate'? Het is bovendien vaak moeilijk vast te stellen, zeker bij psychische aandoeningen, of de oorzaak op het werk ligt of thuis, of dat andere factoren een rol spelen.

Tot slot geven bedrijfsartsen (die worden betaald door de werkgever) aan dat ze onzeker zijn over de juridische consequenties van een melding. Die kan leiden tot een claim van de werknemer bij de baas, met misschien allerlei juridische vervolgstappen. Vakcentrale FNV denkt zelfs dat arbodiensten en bedrijfsartsen geen melding van beroepsziekten maken omdat ze bang zijn hun contract te verliezen als ze negatief berichten over hun werkgever.

Werknemers hebben recht op medisch onderzoek

Wettelijk is geregeld dat iedere werknemer om de paar jaar recht heeft op een medisch onderzoek (PAGO/PMO). In de bouw zorgt de bedrijfstakorganisatie Arbouw dat dit gebeurt. Ongeveer 50 procent van de bouwvakkers doet mee. Een bedrijfsarts die zo'n medisch onderzoek afneemt bij een werknemer uit de bouw, krijgt een vergoeding van Arbouw als hij de uitkomsten van het onderzoek bij Arbouw meldt. Op het formulier staan ook de beroepsziekten. Arbouw geeft deze door. Bedrijfsartsen hoeven dus niet zelf de beroepsziekten te melden aan het NCvB. De beroepsziektemeldingen in de bouw zijn voor 91 procent gebaseerd op signalering tijdens zo'n preventief medisch onderzoek. Andere sectoren bieden hun werknemers zo'n periodiek medisch onderzoek echter nauwelijks aan. Uit onderzoek van bureau Panteia blijkt dat maar 11 procent van alle bedrijven in de afgelopen twee jaar een medisch onderzoek heeft laten uitvoeren. In het streekvervoer wordt de PAGO gecombineerd met de keuring voor het CBR en er worden eigenlijk geen vragen gesteld over klachten die in verband gebracht kunnen worden met beroepsziekten. De PAGO is zo dus wel keurig wettelijk uitgevoerd zonder slapende honden wakker te maken. CXX heeft een hocus pocus Gezondheid Monitor in elkaar geflanst om een onderzoek te veinzen naar arbeidsgerelateerde gezondheidsklachten die weer sturend moeten gaan zijn over eventuele verdiepende onderzoeken in de RI&E.

CXX heeft hierin de vraag over eventuele schouderklachten alleen neergelegd bij kantoorpersoneel (5% van het totaal). Als ze dat aan het rijdend personeel (95% van het totaal) hadden gevraagd dan zou dat door een ongewenste Eiffeltoren piek zeker om een verdiepend onderzoek hebben verzocht.

Klik hier voor een CXX Gezondheid Monitor vragenlijst.

 

Klik hier voor het vraagstuk hoe boer Witte een Wolf, een Geit en een Kool allemaal over een sloot zet zonder dat ze elkaar op vreten.

 

 

2014 busbaan33